Onderzoek e-lending en abonnementsdiensten

In mei dit jaar lieten Stichting Lira en de Auteursbond onderzoek uitvoeren door Kantar Public naar de inkomsten van auteurs uit de digitale exploitatie van hun werk. Daarbij is specifiek gekeken naar e-lending: het uitlenen van e-books door openbare bibliotheken (via Bibliotheek.nl) en naar e-books in commerciële abonnementsdiensten zoals Kobo Plus en Bookchoice (voorheen Elly’s Choice).

Geen vergoeding

Ruim 800 schrijvers en vertalers, van wie werk ook als e-book verschijnt, deden mee aan dit onderzoek, waarvan de resultaten vandaag bekend zijn gemaakt. Hieruit blijkt dat auteurs in 2016 in de meeste gevallen nog niet hebben gedeeld in de opbrengsten van de exploitatie van hun werk via de genoemde kanalen. In veel gevallen hebben zij daar geen afspraken over gemaakt met hun uitgevers en was er geen enkele vergoeding.

De belangrijkste conclusies uit het rapport:

  • E-lending: ruim twee derde van de auteurs (68%) kreeg geen vergoeding, terwijl hun werk wel door bibliotheken werd aangeboden
  • Meer dan de helft van de auteurs (54%) ontving geen vergoeding uit de exploitatie via een commerciële abonnementsdienst
  • Slechts 23% van de schrijvers en 16% van de vertalers van e-books heeft afspraken gemaakt over e-lending
  • Van de auteurs die afspraken hebben gemaakt, ontving een op de vijf (22%) desondanks geen vergoeding
  • Wel krijgen auteurs die afspraken hebben gemaakt 4 maal vaker een vergoeding dan auteurs zonder afspraken
  • Terugkerende klacht: het royaltystatement wordt niet altijd inzichtelijk gevonden

Achtergrond

De populariteit van e-books is de afgelopen jaren in hoog tempo toegenomen. Het aandeel e-books in de totale boekenmarkt bedraagt 6,7% (zie CB e-book-barometer). E-books kunnen net als papieren boeken door openbare bibliotheken worden uitgeleend. En hoewel voor de uitlening van papieren boeken een vergoeding voor de auteurs is gegarandeerd, is dat voor e-books nog niet het geval. Tevens worden e-books in commerciële abonnementsvormen aangeboden. Via ‘all-you-can-read’-modellen bijvoorbeeld krijgen abonnees tegen betaling onbeperkt toegang tot een collectie e-books.

Wel digitaal gelezen, geen vergoeding
Hoewel steeds meer e-books via deze nieuwe kanalen gelezen worden, stijgen de inkomsten van auteurs vaak niet mee, blijkens de onderzoeksresultaten. Sterker nog, in totaal heeft meer dan de helft van de auteurs geen vergoeding gekregen, terwijl zijn of haar titels wel digitaal werden geëxploiteerd in 2016. Daar komt bij dat voor veel auteurs het jaarlijkse royaltystatement niet transparant is. Circa de helft van de auteurs die wel vergoedingen ontvingen, weet niet waarop die vergoedingen precies gebaseerd zijn of hoe die zijn berekend.

Uitgesproken reacties

Veel auteurs zijn verbaasd dat hun werk buiten hun medeweten digitaal geëxploiteerd wordt en verontwaardigd over de hoogte van de vergoedingen daarvoor, als er al afspraken zijn. Uit de reacties van een aantal respondenten blijkt dat zij het belangrijk vinden om dit onderwerp aan de kaak te stellen bij uitgevers.

Het onderzoek sluit aan bij de bestaande zorgen over de negatieve inkomensontwikkeling bij auteurs. Dat deze trend zich de afgelopen jaren steeds scherper aftekent, blijkt uit verschillende rapporten. Zo signaleert het in april verschenen advies Passie gewaardeerd van de SER en de Raad voor Cultuur de noodzaak tot het vergroten van het verdienvermogen van makers. Op het belang van versterking van het auteursrecht wordt in dit adviesrapport nadrukkelijk gewezen.

Stichting Lira en de Auteursbond zijn naar aanleiding van de onderzoeksresultaten in gesprek met uitgevers, om op korte termijn tot betere afspraken te komen over deze vergoedingen en de transparantie van royaltystatements.

Definitieve rapportage Digitale exploitatie

Poëzie in Nederland: wijdverspreid genre & gedeelde ervaring

Kila van der Starre (Universiteit Utrecht) onderzocht hoe volwassenen in Nederland met poëzie in aanraking komen. Poëzie wordt vaak gezien als een niche-binnen-een-niche, maar het blijkt een zeer wijdverspreid genre: 97% van de volwassen Nederlanders komt weleens in aanraking met poëzie. Dat gebeurt bijvoorbeeld in de openbare ruimte, bij speciale gelegenheden of op televisie, social media en radio. Bovendien worden deze ervaringen positief gewaardeerd: meer dan de helft geeft het zomaar tegenkomen van poëzie een 7 of hoger (op een schaal van 1 tot 10). En: voor veel mensen smaakt de poëzie die zij zomaar tegenkomen naar meer.

Vrijwel alle Nederlanders komen in aanraking met poëzie. Dat blijkt uit het onderzoek dat Kila van der Starre samen met bureau Markteffect onder 1.003 Nederlanders van 18 jaar en ouder uitvoerde in het kader van haar promotieonderzoek naar ‘poëzie buiten het boek’ in Nederland. Maar liefst 97,4% leest, luistert, schrijft of deelt poëzie, of komt poëzie zomaar tegen, bijvoorbeeld tijdens speciale gelegenheden, op televisie, in de openbare ruimte, of in een tijdschrift, krant of op internet.

Het sinds eind 19de eeuw gangbare idee dat poëzie een genre is dat we individueel en in stilte lezen (‘met een boekje in een hoekje’) gaat niet op: Nederlanders komen vooral in aanraking met poëzie in mondelinge vorm. Poëzie is voor de meeste volwassenen een sociaal fenomeen dat collectief wordt ervaren. Dat gebeurt met name tijdens bijzondere gelegenheden zoals een huwelijk, een uitvaart of een speech, en via televisie, kranten, radio of social media. Mensen waarderen dat ook. Een belangrijke reden voor mensen om poëzie te ervaren is dat zij geraakt willen worden of aan het denken gezet, maar ook de praktische reden – op zoek naar een gedicht voor een speciale gelegenheid – is belangrijk.

Voor veel mensen smaakt de poëzie die zij zomaar tegenkomen naar meer. Bijna de helft van de volwassen Nederlanders wil daarna meer poëzie lezen of horen. Van der Starre stelt dan ook vast dat er voor uitgevers, boekhandelaren, bibliotheken en het onderwijs mogelijkheden zijn voor poëziebevordering.

Download Kila van der Starre (2017) Poëzie in Nederland. Een onderzoek naar hoe vaak en op welke manieren volwassenen in Nederland in aanraking komen met poëzie.

Constantijn Huygens-prijs voor dichter Hans Tentije

Dichter Hans Tentije heeft de Constantijn Huygens-prijs van 2017 gewonnen. Dat is vanavond in het radioprogramma Kunststof op NPO Radio 1 bekendgemaakt.

De jury roemt Tentije om zijn uniek poëtisch oeuvre. “Het is niet alleen groot, het omvat zestien dichtbundels en met De innerlijke bioscoop ook een uitstapje naar poëtische proza. Het is daarnaast van een grote consistentie en van een constante kwaliteit”, zo wordt gezegd. De jury spreekt van “bijzonder beeldrijke poëzie die met uiterste precisie taferelen en panorama’s schildert”.

Aan de prijs is een bedrag van 12.000 euro verbonden. Vorig jaar won schrijver Atte Jongstra de prijs, het jaar daarvoor ging schrijver Adriaan van Dis met de prijs naar huis. De prijs wordt op 21 januari 2018 uitgereikt tijdens het Schrijversfeest in Den Haag.

De Constantijn Huygens-prijs bestaat sinds 1947 en is een van de literaire prijzen die de Jan Campert-Stichting uitreikt namens de gemeente Den Haag.

Verhalen over verhalen thema Dag van het Scenario

Op vrijdag 22 september vindt in de Utrechtse Stadsschouwburg alweer de twintigste editie plaats van de Dag van het Scenario. Het doel van deze feestelijke bijeenkomst, samengesteld en georganiseerd door het Netwerk Scenarioschrijvers, is het vak scenarist onder de aandacht brengen en een publiek van schrijvers en andere dramaprofessionals te informeren en te inspireren.

Dit jubileum gaat zeker niet onopgemerkt voorbij, maar naast enkele feestelijke elementen blijft de formule ongewijzigd: bijzondere en spraakmakende gasten belichten vanuit hun unieke standpunt één thema om het publiek van scenarioschrijvers en andere professionals te informeren en te inspireren.

Dit jaar draait alles om de core business van schrijvers: het verhaal. Wat is de waarde van  verhalen. Verschillende schrijvers vertellen over hun intenties en werkwijze, maar ook betrokken buitenstaanders uit, bijvoorbeeld, de wetenschap komen aan het woord. Daarnaast worden er korte films vertoond over het ontstaan van enkele opmerkelijke momenten uit Nederlands drama. Binnenkort wordt het definitieve programma bekend gemaakt.

De Dag van het Scenario is een onderdeel van het Nationale Filmconferentie, bedoeld voor scenarioschrijvers en andere film- en televisieprofessionals, zoals regisseurs, dramaturgen, producenten, acteurs, editors, medewerkers van fondsen- en omroepen etc.  Dus: kom op verhaal bij het Netwerk Scenarioschrijvers.

Sprekers

  • Tatjana Andersson, hoofd ontwikkeling bij het Zweeds productiehuis Palladium Fiction, ontvouwt haar ideeën over langlopende series: verhalen zonder houdbaarheidsdatum.
  • Inez de Beaufort, hoogleraar Medische ethiek aan het Erasmus Medisch Centrum, gebruikt film en tv-fictie in haar wetenschappelijke praktijk.
  • Filmjournalisten Dana Linssen en Jan Pieter Ekker over grensverleggende manieren van vertellen in recente Nederlandse films.
  • Scenaristen Jan Harm Dekker en Robert Jan Overheem vertellen hoe ze een waargebeurde verhaal omvormden tot de bekroonde dramaserie De Zaak Menten.
  • Scenaristen-regisseurs Sia Hermanides en Alieke van Saarloos vertellen over het ontstaan van hun pet project, de serie Voetbalmeisjes.

Verder muziek van Rosa Sanne en videobijdragen over sleutelmomenten uit het Nederlands drama van de afgelopen twintig jaar. Presentatie is in handen van Don Duyns en Jenny Mijnhijmer.

Schrijf je in.

Europese Literatuurprijs 2017 naar Verdriet is het ding met veren

De jury van de Europese Literatuurprijs 2017 kent de prijs toe aan de Britse auteur Max Porter en zijn Nederlandse vertaler Saskia van der Lingen voor de roman Verdriet is het ding met veren (De Bezige Bij). De prijs bestaat uit een geldbedrag van € 10.000 voor de schrijver en € 5.000 voor de vertaler. Juryvoorzitter Anna Enquist zal de prijs aan Porter en Van der Lingen uitreiken op donderdag 2 november, tijdens de openingsavond van het Crossing Border Festival in de Lutherse Kerk in Den Haag.

Verdriet is het ding met veren is het verhaal van een jong gezin in Londen waarvan de moeder plotseling is overleden. De vader blijft achter met zijn twee jonge zoontjes. Dan trekt er een kraai bij hen in, die zich gedraagt als bemoeial, vriend, kinderoppas, trooster en therapeut. Hij zal ‘blijven tot ze hem niet meer nodig hebben’. Het verhaal wordt, in de vorm van een prozagedicht, verteld in korte fragmenten, door afwisselend Vader, Jongens en Kraai, met ieder een heel eigen toon. Er zijn flashbacks en flashforwards, en de stijl wisselt van vertelling tot sprookje tot poëzie tot klankspel, dat laatste vooral als Kraai aan het woord is. Daarmee is Verdriet is het ding met veren ook een hommage aan de poëzie van Ted Hughes.

De jury prijst het vernuft van deze roman, die op een originele manier aangrijpend is zonder ook maar een moment sentimenteel te worden. Bovendien is men onder de indruk van de vindingrijkheid van de vertaler, die bijvoorbeeld dankbaar gebruik heeft gemaakt van het feit dat het Nederlands rijk is aan vogelmetaforen. Zo werd het Engelse ‘Permission to leave’ in het Nederlands ‘Verlof om op te krassen’. De jury heeft met deze prijs een boek willen bekronen dat bij uitstek laat zien hoe gevarieerd de ‘Europese literatuur’ kan zijn. ‘Een roman waarin je na vijf keer lezen toch elke keer weer iets nieuws vindt,’ aldus de jury.

Max Porter (1981) studeerde kunstgeschiedenis maar kwam algauw in het boekenvak terecht, eerst als bedrijfsleider van een onafhankelijke boekwinkel, wat hem in 2009 de Young Bookseller of the Year Award opleverde, en sinds 2012 als acquirerend redacteur bij Portobello & Granta Books. Verdriet is het ding met veren, dat in het Engels verscheen in 2015, is zijn debuut.

Saskia van der Lingen volgde de vertaalopleiding aan het Instituut voor Vertaalwetenschap van de Universiteit van Amsterdam en heeft inmiddels een ruime staat van dienst als vertaler van literatuur en kunstboeken. Van 1993 tot 2004 was zij betrokken bij het project Nieuwe Bijbelvertaling.

Van Doesburghuis Parijs, zomer 2018

Het Letterenfonds biedt in de zomer van 2018 een bijzondere residency aan in het Van Doesburghuis in Meudon-Val-Fleury/Parijs. Deze eenmalige residentiemogelijkheid in de atelierwoning die Theo van Doesburg eind jaren twintig voor hemzelf en zijn vrouw Nelly ontwierp, wordt aangeboden als aanvulling op de intensieve literaire campagne die de letterenfondsen in Frankrijk voeren. Schrijvers en vertalers worden opgeroepen om uiterlijk 1 oktober 2017 een voorstel in te dienen voor ofwel de gehele verblijfsperiode van vier maanden van mei tot en met augustus ofwel voor twee maanden (mei/juni of juli/augustus 2018).

De Nederlandse cultuurfondsen – Mondriaan Fonds, Stimuleringsfonds Creatieve Industrie, Fonds Podiumkunsten en het Filmfonds – stellen de komende drie jaar de atelierwoning voor een periode beschikbaar aan kunstenaars die werkzaam zijn op de vele gebieden waarbinnen Theo van Doesburg en Nelly actief waren: architectuur, beeldende kunst, literatuur, dichtkunst, muziek, vormgeving en podiumkunsten.

Wilt u voor een nieuw boek onderzoek doen? Of juist een periode geconcentreerd werken? Het Letterenfonds werkt komend jaar eenmalig samen met het van Doesburghuis in Parijs. Biografen, schrijvers in alle literaire genres, en literair vertalers kunnen tot zondag 1 oktober a.s. een voorstel indienen voor deze residentiemogelijkheid.

Lees meer.

Willem de Vlam nieuwe voorzitter sectie Toneelschrijvers

Een wisseling van de wacht heeft plaatsgevonden in de sectie Toneelschrijvers. Voorzitter Don Duyns treedt terug. Hij wordt opgevolgd door zijn collega Willem de Vlam. De rest van het bestuur bestaat uit Maaike Bergstra (secretaris), Robert van Dijk (penningsmeester) en Jannemieke Caspers (algemeen lid).

‘Trots ben ik op de groei van de sectie toneelschrijvers en het groeiende bewustzijn onder de leden dat je je als auteur van een theatertekst meer mag laten geleden,’ zegt Don. ‘Ik kijk terug op alle meetings met plezier, nog wel het meest op het interview dat Anouk Saleming en ik met de onvergelijkbare Judith Herzberg hielden. Ik heb met alle sectieleden heel prettig samengewerkt en een hoop geleerd. Natuurlijk blijft er nog een hoop te doen, maar dat vertrouw ik mijn opvolger Willem de Vlam en zijn bentgenoten met een zeer gerust hart volkomen toe!

‘Don opvolgen is ook geen gemakkelijke opgave,’ aldus Willem over zijn nieuwe functie. ‘Voorlopig is het mijn ambitie om over een paar jaar bij mijn eigen vertrek niet enkel rokende puinhopen achter te laten. Dat wil zeggen: de aanwas van nieuwe leden te blijven bevorderen en de belangen van die leden te behartigen. Ik kom nog maar net kijken, dus mijn vijfjarenplan is nog niet tot in de details uitgewerkt.’

NFF eert Gerard Soeteman met Gouden Kalf voor de Filmcultuur

Het Nederlands Film Festival (NFF) reikt dit jaar het Gouden Kalf voor de Filmcultuur uit aan scenarioschrijver Gerard Soeteman. De 81-jarige Soeteman schreef onder andere het scenario voor Nederlandse filmklassiekers als TURKS FRUIT (1973), SOLDAAT VAN ORANJE  (1977), DE AANSLAG (1986) en de meer recente succesvolle film ZWARTBOEK (2006). Hij werkte vaak samen met Paul Verhoeven, met wie hij nu aan BLESSED VIRGIN (2018) werkt. Het Gouden Kalf voor de Filmcultuur is in 1981 het leven geroepen om personen of instanties te eren die zich op bijzondere wijze verdienstelijk hebben gemaakt voor de Nederlandse filmcultuur. Het Gouden Kalf wordt uitgereikt tijdens de openingsavond van het Nederlands Film Festival, dat dit jaar plaatsvindt van woensdag 20 tot en met vrijdag 29 september.

Het bestuur van het NFF heeft ervoor gekozen Soeteman te eren vanwege zijn grote betekenis voor de Nederlandse filmcultuur: “Soetemans werk overstijgt meerdere decennia. Hij stond aan de wieg van vele grote succesvolle films en evenveel grote, nationale en internationale carrières van de medewerkers van die films. Hij was het bed, het matras waarop de anderen konden liggen, staan, springen en zo hoog konden reiken”.

Met de uitreiking wordt tevens het belang van scenarioschrijvers in de totstandkoming van filmproducties onderschreven. “Een goede film begint met een goed verhaal, en een goed verhaal begint bij de scenarioschrijver. Zij zijn de stille kracht achter het succes van grote films. Dat heeft Soeteman, zonder wie films als TURKS FRUIT of SOLDAAT VAN ORANJE nooit zo vol impact waren geweest, meerdere malen bewezen. Hij is een meester in het schrijven van goede verhalen en een voorbeeld voor alle filmmakers.”, aldus het bestuur van het NFF.

Het Gouden Kalf voor de Filmcultuur wordt sinds 1981 uitgereikt tijdens het Nederlands Film Festival op het moment dat het festivalbestuur daartoe aanleiding ziet. Eerder ging het Gouden Kalf naar Alex en Marc van Warmerdam (2016), Sandra den Hamer (2015), Burny Bos (2014), Monique van Schendelen (2013), Willeke van Ammelrooy (2012), Rolf Orthel (2010), Doreen Boonekamp (2009), Rutger Hauer (2008), Robby Müller (2007), Hans Kemna (2005), Jan Decleir (2003), Louis van Gasteren (2002), René Scholten (2001), Matthijs van Heijningen (1999), Geoffrey Donaldson (1998), Robbert Wijsmuller (1997), Jeroen Krabbé (1996), Wim Verstappen (1995), Jan de Vaal (1994), Jan Blokker (1993), Paul Verhoeven (1992), De Filmkrant (1991), Jos Stelling (1990), Ellen Waller (1989), Johan van der Keuken (1988), Fons Rademakers (1987), Anton Koolhaas (1986), Joris Ivens (1985), J.M.L. Peters (1984), Bert Haanstra (1983), Dan Ireland (1982) en J.G.J. Bosman (1981).

Dag van de Educatieve Auteur gecertificeerd als nascholing

De Dag van de Educatieve Auteur is gevalideerd door Registerleraar.nl. Dit betekent dat leraren deze conferentie kunnen bijwonen als deel van hun nascholing of als deskundigheidsbevordering. Ook mogen deelnamekosten worden gedeclareerd bij hun school. De eerste editie van de Dag van de Educatieve Auteur vindt plaats in Amersfoort op zaterdag 11 november aanstaande.

Bij goed onderwijs hoort goed lesmateriaal. Docenten maken vaak zelf hun lessen, naast de op hun school gehanteerde lesboeken van de educatieve uitgeverijen. Het is belangrijk dat bij het ontwerpen van lesmateriaal bewezen effectieve en efficiënte leertheorieën worden gehanteerd. De conferentie- en studiedag van 11 november biedt docenten nadrukkelijk de gelegenheid om hun kennis en vaardigheden omtrent het zelf ontwerpen van lesmateriaal te verbreden en te verdiepen.

Op de Dag van de Educatieve Auteur houdt professor Paul Kirschner een keynote lezing onder de titel “Don’t and Do’s voor leermiddelenmakers.” Verder kunnen docenten en auteurs deelnemen aan inspirerende workshops, zoals het schrijven van pakkende intro’s, het stellen van de juiste vragen, creatief schrijven en het ontwerpen van digitaal en adaptief lesmateriaal. Bekijk het programma.

Aan het eind van de Dag van de Educatieve Auteur is uitreiking van de Educatieve Parel, een prijs voor de beste les van 2017. Docenten en auteurs worden uitgedaagd om een les te ontwerpen rond het actuele thema “Is dit een feit”. Meer informatie is te vinden op www.educatieveparel.nl.

Aanmelden Dag van de Educatieve Auteur.

Atte Jongstra als Letterenfonds-fellow naar NIAS

Schrijver en essayist Atte Jongstra verblijft van september 2017 tot februari 2018 als writer-in-residence aan het NIAS in Amsterdam. De werkperiode in de internationale, academische setting van het NIAS wordt mogelijk gemaakt door het Nederlands Letterenfonds. Jongstra zal er aan een nieuwe essaybundel werken. In februari wordt hij opgevolgd door de Tsjechische schrijver Jaroslav Rudiš (1972).

Jongstra zal aan het NIAS zijn essaybundel met de werktitel Homo Hyper Erectus voltooien, de publicatie wordt in 2018 verwacht bij De Arbeiderspers. ‘De essays in de bundel cirkelen op zowel historische als actuele manier rond het thema van de mens die al te zeer rechtop is gaan staan. De geharnaste burger, alleen of in groepen, die zich terug meent te moeten trekken binnen de grenzen van een (vermeende) persoonlijke of nationale identiteit’. Jongstra kijkt uit naar zijn verblijf aan het NIAS: ‘Na jaren eenzame arbeid als schrijver lijkt het me een verlossing enige tijd in een groepscontext te functioneren, waarin uitwisseling van ideeën op de agenda staat. […] Ik verkeer niet graag in een uitsluitend literair milieu, mijn nieuwsgierigheid beweegt zich op alle mogelijke terreinen.’

Atte Jongstra (Terwispel, 1956) publiceerde verhalenbundels, romans, essayistiek en poëzie, dat laatste onder het pseudoniem Arno Breekveld. Zijn recente bundel Het fluïde tijdperk bevat essays over (beeldende) kunst. In 2016 werd zijn oeuvre bekroond met de Constantijn Huygensprijs. Eerder ontving hij de Geertjan Lubberhuizenprijs voor de roman De psychologie van de zwavel (Contact, 1989), de J. Greshoffprijs voor Familieportret: essays (Contact, 1996), en de Max Pam Award voor Klinkende ikken: bekentenissen van een zelfontwijker (De Arbeiderspers, 2008). Verhalen van zijn hand verschenen in bloemlezingen uit de Nederlandse literatuur in het Deens, Duits, Engels, Servokroatisch en Spaans. Zijn Lexicon voor feestgangers verscheen in Duitse vertaling; Diepte! in Friese vertaling. Jongstra is tevens recensent voor NRC Handelsblad.

Jaroslav Rudiš

In februari 2018 wordt Jongstra aan het NIAS opgevolgd door de Tsjechische schrijver, muzikant en kunstenaar Jaroslav Rudiš (Turnov, 1972). Hij zal aan het NIAS werken aan zijn nieuwe roman: een road novel over een Tsjechische ziekenverzorger die in Duitsland ouderen verpleegt, en die gaandeweg een negentig jaar oude man weer tot praten weet te bewegen. Samen gaan ze op reis door Midden-Europa en door de geschiedenis van ons continent.

Rudiš’ debuut Nebe pod Berlínem (De hemel onder Berlijn) werd bekroond met de Jiří Orten Prijs 2003. Hij publiceerde vijf romans, een verhalenbundel en de driedelige graphic novel Alois Nebel, die hij omwerkte tot een scenario. Bij de première op het Filmfestival in Venetië werd de film bekroond met de European Film Award voor beste animatiefilm, en met de prijs voor de beste lange animatiefilm van 2012 op het Holland Animation Festival. In 2013 verzorgde hij een optreden over de film en zijn graphic novel op Crossing Border. Zijn werk is vertaald in Duitsland en Frankrijk, en onderscheiden met de Usedomer Literaturpreis. Vorig jaar bracht uitgeverij Nobelman Het einde van de punk in Helsinski, dit najaar volgt de Nederlandse vertaling (door Edgar de Bruin) van zijn roman Národní trída (in Duitse en Franse vertaling: Nationalstraße / Avenue Nationale).

Residenties

Het Letterenfonds biedt in samenwerking met het NIAS ieder academisch jaar één Nederlandse schrijver en één buitenlandse auteur de mogelijkheid om een periode geconcentreerd te werken binnen de inspirerende multidisciplinaire, academische gemeenschap van het NIAS.